‘Dierenredster’ blijkt hardleers: inspectie neemt opnieuw verwaarloosde honden mee

‘Dierenredster’ blijkt hardleers: inspectie neemt opnieuw verwaarloosde honden mee

De LID heeft in overleg met de rijksdienst RVO en ondersteund door de politie opnieuw vier honden in bewaring genomen bij een inwoonster van de gemeente Leeuwarden, die beweert dieren in nood op te vangen. Het is voor de tweede keer in korte tijd dat de inspectiedienst verwaarloosde dieren op het adres aantreft.

In december betrof het 24 honden, meerdere varkens, baardagamen en een kroonbasilisk die onder schrijnende omstandigheden in en om de woning moesten leven. De flink oplopende kosten voor transport, (medische) verzorging en opvang zijn voor de eigenares. Er wordt proces-verbaal opgemaakt, waarna het openbaar ministerie zich over de zaak buigt.

Van de regen in de drup

De ‘dierenredster’ zoekt via internet zowel in het binnen- als buitenland naar dieren die opvang nodig hebben en vervolgens van de regen in de drup raken. De honden die de LID deze maand meenam, verbleven in de keuken en een werkruimte die waren besmeurd met ontlasting en urine. Er hing een sterke ammoniaklucht en de dieren hadden enorme dorst.

Sinds de grote inbewaringname in december bleek de bewoonster de ruimtes waar de dieren verbleven niet te hebben schoongemaakt of verbeterd. Toen verbleven 24 honden in net zulke slechte omstandigheden los in de woning, in benches en buiten op een uitlaatveld dat een mix was van poep, modder en grofvuil waar de dieren zich aan konden bezeren. Omdat de eigenares de dieren aan hun lot overliet, verwondden ze elkaar geregeld bij gevechten.

De kroonbasilisk was er beroerd aan toe en verbleef in een vervuild terrarium

Vermagerde reptielen

De honden vielen ook de zes varkens aan die soms op het uitlaatveld verbleven en daarom meestal bang wegkropen in een oude melkkelder, waar ze alleen over wat vuile lappen beschikten om op te liggen. Ook hier lag veel rommel waar de krulstaarten zich aan konden bezeren.

De horrorhoudster beperkte zich niet tot zoogdieren, maar had ook reptielen in de woning waar ze slecht voor zorgde. De meeste van de zeven baardagamen waren vermagerd en zaten in smerige terraria. Ook de kroonbasilisk was er beroerd aan toe. Hij verbleef in een veel te klein, vervuild terrarium met smerig water en bewoog zich nauwelijks.

Meer nieuws